Ik moet dringend overwegen deel te nemen aan superhond 2008. Niet alleen heb ik reeds een kapsel om me sociaal te voelen met alle poedels ter wereld, ook van hondenbaasjes krijg ik een verbazingwekkende aandacht geschonken. Zo slenterde ik vorig weekend tussen tientallen tafels met boeken, toen een hondenliefhebbend individu mij vanaf de linkerflank benaderde.
Toevallig stond ik te kijken naar een boek waar iemand eerder die dag achteloos een postkaartje met de afbeelding van een labrador had opgeworpen. Ik schrok dus toen de hand van datzelfde individu opeens in mijn gezichtsveld verscheen en het kaartje vastgreep. Hij stootte me – al dan niet toevallig, dat weet ik niet – aan met zijn uit de kluiten gewassen bierbuikje. Ik draaide me naar hem om, want hij maakte blijkbaar aanstalten iets te willen zeggen. Een sterke salamigeur waaide in mijn richting.
“Kijk meiske, kijk. Ik heb ook zo’n hond!” De verwarde blik waarmee ik hem aankeek, hield hij waarschijnlijk voor een grenzeloze nieuwsgierigheid. Daarom vertelde hij me ook over hoe zijn hondje hem altijd gezelschap hield. En over hoe er niemand binnen zou geraken in zijn huis zonder een heel goede reden, omdat zijn hondje goed over hem waakte. Ik lachte hem lieftallig toe, zijn adem wat ontwijkend en zag dat hij stond te popelen me nog wat meer te vertellen. “En weet ge wat? Ik heb ook nog twee yorkskes!” Het leek hem te plezieren dat ik hem met belangstelling aanhoorde en hem zelfs vertelde over mijn huisdiertje. Toen keek hij opeens rond.
”Ik ben eigenlijk op zoek naar een citatenboek. Kent ge dat meiske? Een citatenboek?” Hij keek me zo hoopvol aan dat ik op slag medelijden met hem kreeg. En aangezien boeken nu eenmaal meer in mijn interessegebied liggen dan de spannende plasavonturen van yorkskes, vertelde ik hem dat ik nergens veel citatenboeken had gevonden. De teleurstelling stond op zijn gezicht te lezen. Koortsachtig zocht ik daarom naar een nieuwe manier om hem gelukkig te maken. Veel denken moest ik daarvoor niet. Op één of andere manier slaagde ik erin de stockverkoop van Lannoo de hemel in te prijzen. Dolgelukkig sloeg hij me op de schouder, herhaalde wel tien keer “bedankt wi meiske, bedankt, bedankt” en liep daarna naar het einde van de gang, waar zijn vrouwtje op hem stond te wachten. Zijn enthousiast handengezwaai waarmee hij haar alles vertelde wat ik hem gezegd had, maakte me vrolijk.
Wie ooit met weinig tijd naar de boekenverkoop van Lannoo trekt en daar een man met bierbuikje, salamigeur, twee yorkskes en een labrador aantreft: ga vooral niet naast een postkaart met een hondje erop staan!

10 Reacties
april 28, 2008 at 10:48 pm
Gezien het feit dat je alsnog een gesprek aanknoopte, was het duidelijk salami zonder knoflook.
april 29, 2008 at 8:41 am
Ik word helemaal vrolijk van deze post. Prachtig geschreven ook.
Het werpt ook meteen een heel ander licht op een van je tweets van gisteren. Hehe.
april 29, 2008 at 8:18 pm
@Menck: Ik vermoed het. Maar als je de proef op de som wil nemen, haast je naar Lannoo!
@Linn: Dankje! Vrolijk vanwege het hoge postkaartjesgehalte?
april 29, 2008 at 8:31 pm
Het postkaartje zat er voor niets tussen. Al had je zonder die kaart natuurlijk helemaal geen verhaal gehad. Waar postkaarten al niet goed voor zijn.
april 29, 2008 at 8:37 pm
Wij reageerden zonet op het zelfde moment op elkaars blog. Als dat geen toeval is.
april 29, 2008 at 8:40 pm
@Linn: Mogen we nu een wens doen?
april 30, 2008 at 10:23 am
Ik heb ooit een lief gehad met een yorkske. De reden waarom ik het uitgemaakt heb was dan ook het (allesoverheersende) yorkske. Sindsdien een bloedhekel aan yorkskes!
april 30, 2008 at 8:34 pm
Bij deze heb ik mijn wens gedaan.
mei 1, 2008 at 3:05 pm
Leuk verteld!
mei 3, 2008 at 8:05 pm
Mooi verhaal. Geur of niet : die man was duidelijk blij en jij ook.